| Een geïsoleerde totale uitval van groeihormoon die pas na de geboorte is ontstaan kan de volgende verschijnselen geven: groeivertraging, een popperig gezicht, een krakerige stem, een overmaat aan vetweefsel met name rond de buik. Bij een gedeeltelijke uitval zullen de verschijnselen minder duidelijk zijn. Indien het tekort aangeboren is, zijn de kinderen nogal eens mager. oorzaken Een tekort aan groeihormoon kan bestaan zonder andere afwijkingen, maar kan ook gecombineerd zijn met een tekort aan andere hormonen die in de hypofyse gemaakt worden. Dat zijn het schildklier-stimulerend-hormoon (TSH), het bijnier-stimulerend-hormoon(ACTH), de geslachtsklieren-stimulerend-hormonen(LH en FSH), prolactine dat tot de melkproduktie aanzet en het hormoon wat de vorming van pigment reguleert. Daarvan hebben het TSH, ACTH, LH en FSH indirekt weer invloed op de groei. Men kan spreken van een geïsoleerde uitval van het groeihormoon of een gecombineerde. De verschijnselen die optreden zijn afhankelijk van de eventuele bijkomende tekorten van de overige hormonen. Bovendien kan het tekort aangeboren of op latere leeftijd verworven zijn. aangeboren vormen van groeihormoontekort De aangeboren vormen van groeihormoontekort kunnen erfelijk zijn bepaald, dat wil zeggen bepaald door afwijkingen in de genen of chromosomen. Ook kunnen ze het gevolg zijn van ontwikkelingsstoornissen in het gebied van de hypothalamus® of hypofyse tijdens de ontwikkeling van het kind voor de geboorte. Deze laatste oorzaak is niet erfelijk. Beide oorzaken kunnen weer onderverdeeld worden in de volgende twee groepen:
verworven groeihormoontekort Meestal is dit het gevolg van een beschadiging van de hersenen door een ongeluk, bestraling van de hersenen bij kwaadaardige ziekten, tumorgroei in de hersenen of door een operatie in het hersengebied. De hypofyse of de hypothalamus is daarbij dan beschadigd. Hierbij treedt ook vaak uitval van andere hormonen op. In aanwezigheid van bepaalde ziektes kan het zijn dat de hypothalamus de hypofyse minder stimuleert tot het produceren van groeihormoon. Tot deze ziektes behoren lever- en nieraandoeningen en vetzucht. Ook bij anorexia nervosa en psychosociale verwaarlozing kan dit optreden. Bij een beschadiging is de uitval blijvend. Na een ziekte kan de uitval van groeihormoonproduktie zich weer herstellen. Ook kan er een groeihormoon uitval zijn zonder dat dit een duidelijke oorzaak heeft. Men noemt dit ook wel idiopatisch. Steeds vaker blijkt echter dat gestoorde groeihormoonuitscheiding op iets anders berust dan de idiopatische groeihormoonuitval. Hieronder volgt een overzicht met de mogelijke oorzaken van gestoorde groeihormoonuitscheiding.
behandeling met groeihormoon In alle gevallen waarbij door beschadiging van de hypofyse of hypothalamus een GH-tekort ontstaat kan behandeld worden met groeihormoon. Tevens is dit het geval bij een klassieke groeihormoondeficiëntie. Het kunstmatig verkregen hormoon wordt tijdens de jaren dat er groei nodig is regelmatig via injecties in de spier of onder de huid toegediend. Toediening van het GH versnelt de groei. Er zijn ook een aantal verschijnselen bekend die optreden tijdens de behandeling met groeihormoon. Sommige kinderen maken antistoffen tegen het toegediende GH of delen daarvan. Bij slechts een zeer klein deel van hen heeft het daardoor een verminderde werking. Bij een aantal kinderen is tijdens de behandeling hypothyreoïdie ontstaan, dit is een verminderde productie van schildklierhormoon. Het is niet duidelijk waardoor dit komt. Het zou kunnen passen bij het verloop van de ziekte die ook het GH tekort heeft veroorzaakt. Ook zou het kunnen dat door GH toediening de hypofyse en/of hypothalamus minder hard gaan werken. Zij regelen ook de uitscheiding van het schildklier hormoon. overige verschijnselen Overige verschijnselen zijn het gevolg van de werking van het groeihormoon zelf. Hiertoe behoren veranderingen in de koolhydraat-, vet-, en eiwitstofwisseling. Kinderen krijgen spier- en later ook vetvermeerdering. Er lopen vele onderzoeken waarbij ook kinderen met andere groeistoornissen behandeld worden met GH. In de toekomst zal blijken bij welke groeistoornissen de behandeling zinvol is. |